zoeken

MRSA in het Atrium Medisch Centrum

Casus 1: MRSA-besmetting in het Atrium Medisch Centrum

Het Atrium Medisch Centrum in Heerlen werd vorig jaar geconfronteerd met MRSA-besmetting. Een met MRSA besmette patiënt werd in mei 2003 opgenomen op de Intensive Care Unit. Het betrof een interne overname van een verpleegafdeling. Bij een opname op de IC is het protocollair geregeld dat de patiënt wordt gescreend op MRSA via een neus-, keel- en perineumkweek. De kweek die werd afgenomen, bleek positief te zijn. Overeenkomstig het protocol is de patiënt geïsoleerd en een verpleegafdeling en de IC gescreend op MRSA. Dat onderzoek betrof zowel patiënten als medewerkers van de afdeling.

Crisisteam
Ton Sprangers, ziekenhuishygiënist: “Later zijn er weer kweken afgenomen op een verpleegafdeling, omdat uit de resultaten van het eerste onderzoek bleek dat 1 patiënt besmet was met MRSA (in totaal zijn er 40 patiënten onderzocht). Resultaten van de nieuwe kweken: 6 patiënten positief en 5 medewerkers positief. Gezien de toename van het aantal besmettingen werd vervolgens besloten om het crisisteam bij elkaar te roepen. Dat crisisteam bestaat uit: de clustermanager, de manager schoonmaakdienst, de arts-microbioloog, de desbetreffende specialist (vertegenwoordiger van betroffen afdeling), de ziekenhuishygiënist en de afdelingsverantwoordelijke. Het crisisteam besloot, op basis van de plotselinge toename van het aantal MRSA-besmettingen, om patiënten die op een verpleegafdeling gelegen hebben terug te roepen. In totaal werden 400 patiënten onderzocht op MRSA. Hieruit bleek dat patiënten die op 1 en 3 april ontslagen waren, besmet waren met MRSA. In totaal ging het hier om 16 patiënten. Ook de medewerkers werden gescreend. Van de 100 medewerkers die werden onderzocht, waren er 14 besmet met MRSA. Drie medewerkers hadden een predisponerende  factor als eczeem. In dit geval werden er ook omgevingskweken uitgevoerd. Daarvan waren er verschillende positief, zoals de statuswagen en verschillende verpleegartikelen.

Schoonmaakprocedure
Marie-José Theunissen, afdelingsmanager Schoonmaak Onderhoud van Stichting Gezondheidszorg Oostelijk Zuid-Limburg. “De schoonmaakprocedure die gehanteerd wordt op een verpleegafdeling is overeenkomstig het advies van de Werkgroep Infectie Preventie (WIP). Op de IC worden tweemaal daags de horizontale vlakken gedesinfecteerd. Grondige schoonmaak is nodig, aangezien de MRSA-bacterie zich snel en gemakkelijk verspreidt via stof. Door de hoeveelheid stof waarmee de MRSA getransporteerd kan worden tot een minimum terug te brengen, wordt de blootstelling aan de bacteriedruk van de MRSA aanzienlijk verminderd.” Sprangers: “De IC heeft – in tegenstelling tot een verpleegafdeling - een luchtbehandelingsysteem in de isolatiekamers waarbij de luchtstroom gecontroleerd is. Naast het verminderen van stof, is ook het beheersen van de luchtstroom van groot belang bij het voorkomen en inperken van MRSA.”

Maatregelen
Uiteindelijk zijn de volgende maatregelen genomen om verheffing van MRSA onder controle te krijgen:- Verhogen van de schoonmaakfrequentie en rigoureuze schoonmaak nadat de laatste patiënt ontslagen is;- Schoonmaak op de afdeling is tijdelijk vervangen door desinfecteren met chloorpreparaat;- Patiënten, personeel en specialisten regelmatig controleren door het nemen van kweken;- Patiënten zijn geïsoleerd. Geen uitwisseling van patiënten/personeel met andere afdelingen;- Personeel dat is besmet met MRSA is behandeld. Als de behandeling niet het gewenste resultaat had, werden de medewerkers met verlof gestuurd totdat de behandeling succesvol was;- Nadat de laatste patiënt de afdeling had verlaten, is de afdeling grondig schoongemaakt door Fortron.

Toekomst
Vanuit de gedachte “voorkomen is beter dan genezen” wil Ton Sprangers in de toekomst nog meer aandacht vragen voor persoonlijke hygiëne. “Daarbij denk ik aan kleding (centrale bewassing binnen het ziekenhuis) en het frequent handen wassen. Verder is het elkaar aanspreken op gedrag en instructie ook een ontwikkeling die een bijdrage kan leveren aan de aanpak van de problematiek. Daarnaast zijn we van plan om in een eerder stadium controlekweken te nemen. Vroegtijdig signaleren draagt bij aan het beperken van de verspreiding van MRSA. Het reduceren van de hoeveelheid stof en het regelmatig schoonmaken van oppervlakken met een hoge aanraakfrequentie vermindert de kans op transmissie.

Advies over schoonmaak
Het Facilitair Bedrijf heeft een adviserende rol naar de instelling op het gebied van schoonmaak en MRSA-reiniging. De uitvoering wordt gedaan door zowel de eigen afdeling Schoonmaak Onderhoud als door Fortron als specialist. Verder adviseert het Facilitair Bedrijf in bouwtrajecten over onderhoud en afwerkmaterialen. Bij MRSA-reiniging is de basis goed huishoudelijk schoonmaken en desinfectie waar nodig. Als wachttijd na reiniging houdt men 4 uur aan (met uitzondering van S.E.H. en poliklinieken). Er wordt volgens MRSA-protocollen gewerkt.